Friday, July 31, 2009

VS - Colorado

Mexican Hat is een dorp dat zich heeft vernoemd naar een rotsformatie die een sombrero lijkt te dragen. Het is een piepklein gehucht van schijnbaar niet meer dan 55 inwoners.



Maar wel een piepklein gehucht met 3 hotels, een steakhouse, een café, een gasstation en een trading post. En het is een perfecte uitvalbasis voor Monument Valley, wat mijn hart echt heeft gestolen. Toch waren we blij toen we die halve straat weer konden verlaten. Na het uitchecken hebben we eerst nog uitgebreid door Monument Valley gereden en gewandeld, wat binnen het Navajo Reservaat ligt en ook in beheer is van de indianen, en vervolgens gingen we op weg naar Durango, een echte cowboy stad.


Grotere kaart weergeven

De weg naar Durango in Colorado was er wederom een van overweldigende natuur, woestijn, rots en ravijn. Indrukwekkend was de Shiprock: een eenzame, lugubere rots die zo uit het land van Tolkien kon zijn gevallen; voor de indianen een heilige berg.



Maar ook kruisingen van highway’s in niemandsland, ergens een schijnbaar verlaten tankstation, af en toe een klein bewoond trailerpark dat in onze fantasie bewoond wordt door outcast, gevluchte criminelen laying low. En op de een of andere manier maakte dat indruk, de wijze waarop mensen hier leven, het beeld in ieder geval dat wij daar van kregen. Ongeschoren mannen in vale kleren, ruikend naar drank, benzine en sigaretten, rijdend in een versleten Dodge met zo’n grote achterbak. Wonend in een caravan en werkend bij een gas station kilometers verderop. Met een vrouw die thuis zit, vol blauwe plekken, aan wie ooit een betere toekomst is beloofd. Maar inmiddels weet ze dat de caravan geen wielen meer heeft. This is it. Life. Zo hard als de grond waarop ze leeft.

We reden boven de speed limit.

Heel geleidelijk begonnen er bomen te groeien. Heuvels te glooien. Kreekjes te stromen. We kwamen in een prachtig gebied terecht dat leek op de Zwiterse Alpen. Maar dan met elanden in de wei. En ranches. Cowboys.
Durango was een leuk stadje met een echt centrum, wat we nog niet eerder gezien hadden. En alles ademde de sfeer van cowboy. Voor mij aanleiding een cowboyhoed aan te schaffen en voor Piron een private linedance uit te voeren op de hotelkamer. Ze heeft er nog steeds rode wangen van.
We bezochten Mesa Verde, een gebied waarin zo’n duizenden jaren geleden indianen leefden, in zelfgebouwde huisjes midden tussen de rotsen. We lieten ons rondleiden door een echte Ranger, een oude kerel die veel te vertellen had, over klimaatverandering, de rol die dit park speelt in het leren over klimaatverandering, over de indianen, en vooral over dat de dingen die de indianen allemaal doen in het kader van hun geloofsbeleving ‘not our business is’. Dat bleef hij herhalen. Not our business. Volgens hem was dat een vorm van respect. Ik dacht: Volgens mij is dat denigrerend. Of angst om een waardeoordeel uit te spreken. Maar beste ranger,was nou juist geïnteresseerd geweest in de gebruiken van de indianen, dan had je ons nu uit kunnen leggen hoe zij deze huisjes gebruikten, hoe ze hun geloof belijden en welke rol Mesa Verde tegenwoordig nog speelt in het leven van de huidige indianen. Dat is een stuk interessanter dan ‘not our business’.





Later zijn we gaan zwemmen in een natuurbron bij Ouray, terwijl we onderweg waren naar Montrose. Montrose was bedoeld als tussenstop richting onze trip naar Moab. Daar hadden we spijt van.


Grotere kaart weergeven

Montrose voelde aan als de verstedelijkte versie van een trailerpark. We zaten in een smerig hotel waarvan we het idee hadden dat alles al jaren niet meer gebruikt was. Ik haalde een cola uit een automaat en kreeg een flesje dat onder het stof zat en die ruim over datum was. Naast de wasbak lag een mandje met tandpasta, zeepjes, shampoo en een doosje tampons. Er lagen ook enkele muesli-repen, zakjes vitamine-power en een reepje chocolade. Bijna alles maanden over de datum. De afstandbediening van de televisie voelde aan alsof ie gedrenkt was in frietvet. Tot overmaat van ramp bleek de wc niet door te trekken. Ik dook met een blote pols de spoelbak in om het doortrekmechanisme te repareren. Dat lukte, maar het gevolg was wel dat na een paar keer enthousiast doortrekken de wc flink begon te lekken. Ik legde de situatie uit aan het echtpaar dat het hotel runde, en even later kregen we een andere kamer. Net zo smerig. We waren wederom blij dat we de volgende ochtend vroeg konden vertrekken richting Moab.
En weer reden we boven de speed limit.

0 reacties: